Druppelvormig motief met een gebogen bovenpunt, al eeuwenlang alomtegenwoordig in Perzische en Kasjmirse weefsels. Toen Schotse fabrieken in de negentiende eeuw kasjmiersjaals begonnen na te maken, raakte de boteh in het Westen bekend als “paisley”, naar het stadje Paisley waar die sjaals werden geweven. De verklaringen voor de herkomst lopen uiteen van een door de wind gebogen cipres tot een vlam, een zaadje of een gestileerde amandel — op tapijten verschijnt het motief vaak in ordelijke rijen over het hele veld.
Fijn geweven Koerdische tapijten uit het stadje Senneh (het huidige Sanandaj) in het westen van Iran, beroemd om hun tere herati- en boteh-dessins en hun dunne, vaste lichaam. Ze dragen een van de grote ironieën van de tapijtwereld in zich: hoewel de asymmetrische Perzische knoop “Senneh-knoop” heet, werken de wevers van Senneh in werkelijkheid met de symmetrische Turkse knoop — een herinnering dat men een tapijt beoordeelt op zijn structuur, niet op zijn etiket.